
Laatst had ik een vrouw aan de telefoon die me vertelde dat ze een nieuwe baan had. Ze wilde daar heel graag blijven werken. Er was alleen één groot probleem en dat was de weg naar haar werk.
Het bedrijf ligt langs een dijk en om er te komen, moest ze meerdere keren een helling af en weer omhoog rijden. En met name helling op was het probleem. En vaak moet ik stoppen, zegt ze omdat er verkeer op de dijk rijdt. Met haar eigen auto vond ze dat al behoorlijk spannend. Maar dat was nog niet alles want ze zou af en toe ook in een busje moeten rijden.
‘Misschien ben jij wel degene die ervoor kan zorgen dat ik mijn baan kan houden,’ vertelde ze me. Ik werd ineens wel heel belangrijk gemaakt…
We spraken af en begonnen eerst in mijn auto, waarin dubbele bediening zit. Ik wilde vooral begrijpen waar haar angst vandaan kwam en wat er precies gebeurde op het moment dat ze een helling stil moest staan.
Dat werd snel duidelijk want ze had geen enkel controle over wat ze aan het doen was. Of de auto rolde naar achteren of de motor sloeg af. En ja, begrijpelijk, daar kreeg ze enorme stress van. Ze vertelde me dat het zweet haar letterlijk overal uitbrak. Het voelde als echte paniek. ‘Op zo’n moment ben ik in staat om uit te stappen en gewoon weg te lopen.’
Haar rijangst had dus een heel duidelijke praktische oorzaak. En vanuit die oorzaak was de angst steeds groter geworden.
We gingen terug naar de basis. We bespraken het aangrijpingspunt van de koppeling. Ze had nog nooit op die manier geleerd hoe ze vanuit stilstand op een helling weer weg kon rijden. De rem haal je er pas af als de koppeling op het aangrijpingspunt is. Deze zin heb ik heel veel herhaald. Rustig, stap voor stap herhaalde we de handeling. Het ging steeds beter.
En vervolgens ging ik naast haar in het betreffende busje zitten. ‘Waarom wist ik dit niet?’ vroeg ze meerdere keren.
Daar heb ik eerlijk gezegd geen antwoord op. Soms heb je in je hoofd een beeld opgeslagen van hoe iets werkt, terwijl dat beeld helemaal niet klopt. Je hebt het jezelf misschien ooit zo aangeleerd, of het is op een bepaald moment verkeerd geïnterpreteerd.
En als je vervolgens jarenlang denkt dat je op een helling de controle kunt verliezen, is het niet vreemd dat je lichaam daarop reageert met spanning en angst.
Het mooie is dat er wat veranderde toen ze eenmaal wist wat ze moest doen.
Aan het einde van deze middag, zei ze: ‘Ik weet nu wat ik moet doen. En dat geeft me zoveel rust.’
Dat is precies waar rijangstbegeleiding vaak begint. Bij het begrijpen waar de angst vandaan komt. En soms is het eenvoudig op te lossen, zoals nu.
Een angstgevoel wortelt vaak diep. Dat verdwijnt niet altijd na één keer oefenen. Je brein en lichaam hebben tijd nodig om de nieuwe ervaring te vertrouwen. Maar blijven oefenen!
Want hoe vaker je de hellingproef oefent en ervaart dat je wel controle hebt, omdat je weet hoe het werkt, hoe sneller je lichaam leert dat die situatie niet gevaarlijk is.
En dan kan een helling die eerst een enorme berg leek, uiteindelijk gewoon weer een helling worden.